Goede relaties met klanten is de basis voor een gezonde orderportefeuille

10 december 2015

Waar staan we een jaar na de start van de integratie van Bouw en Techniek, en hoe ziet de toekomst eruit? Redenen genoeg voor een gesprek met directievoorzitter Henk Bol. Over trots, de zoektocht naar verbeteringen en de zekerheid dat niets bij het oude blijft. ‘We moeten ermee leren leven dat alles voortdurend verandert.’ 

Praat met Henk over de projecten van BAM Bouw en Techniek en je ziet het enthousiasme groeien. ‘Kijk wat we allemaal bouwen en de prestaties die we iedere dag weer leveren; dat geeft een gevoel van ongelooflijke trots. Begin december was ik in het Isalaziekenhuis in Zwolle, dat nu zo’n drie jaar in gebruik is. Daar doen we nu ook het beheer en onderhoud. Als je om je heen kijkt, denk je “het loopt hier als een tierelier”. De installaties zijn op orde, klanten zijn tevreden en zeggen dat ze ook in de toekomst met ons willen samenwerken. Een groter compliment kun je niet krijgen.’

Flexibel en oplossingsgericht
Henk noemt Hoog Catharijne: ‘Qua infrastructuur, bouwtechnisch en organisatorisch een van de meest complexe projecten in ons land’. Hij noemt Hornbach in Amsterdam waarvan de bouw onlangs van start ging: ‘In een heel korte tijd hebben we dit project mogelijk gemaakt.’ Én hij noemt het Forum in Groningen, dat wel een jaar stillag vanwege de aardbevingsproblematiek en net weer is begonnen. ‘Met onze deskundigheid zijn we nu ineens koploper als het om het vormgeven van gebouwen gaat in een aardbevingsomgeving. Dat zegt veel over onze flexibiliteit, onze oplossingsgerichtheid en het vermogen om ons in nieuwe vakgebieden te verdiepen.’

Zoektocht
En toch, ondanks al die mooie projecten is BAM Bouw en Techniek nog steeds verlieslatend. ‘Dat vreet aan de medewerkers’, zegt Henk. ‘We verdienen geen geld. Uiteindelijk is dat, samen met tevreden klanten en gelukkige medewerkers en aandeelhouders, wél ons doel. Je komt dan in een soort zoektocht, waarbij je op zoek gaat naar de oorzaken en je jezelf afvraagt of we de juiste maatregelen nemen en hebben genomen. Het is te makkelijk om te zeggen dat de aard van de problemen extern liggen en de economische omstandigheden de oorzaak zijn. Het is de taak van de directie om je bedrijf zodanig te organiseren dat je ook in moeilijke tijden overleeft en het liefst met winstcijfers.’

Nieuwe samenwerkingsvormen
Twijfels over de integratie van Utiliteitsbouw en Techniek zijn er volgens Henk niet. ‘We hebben een duidelijk plan, de organisatiestructuur stáát en we hebben de mensen benoemd waar we vertrouwen in hebben. Muren worden geslecht en ik zie nieuwe samenwerkingsvormen ontstaan. Medewerkers in dezelfde fase van het bouwproces zoeken elkaar nu actief op en werken gezamenlijk aan projecten. Of een ander mooi voorbeeld: waar collega’s van Utiliteitsbouw en Techniek vroeger soms letterlijk met de rug naar elkaar in dezelfde keet zaten, zie je nu dat ze elkaar helpen en samen de problemen aanpakken.’

Creativiteit en discipline
Aan de samenwerking ligt het dus niet, lijkt het. Moet er dan misschien meer aandacht zijn voor de drie kernwaarden – openheid, vertrouwen en creativiteit – die bij de start van de integratie werden geïntroduceerd? Henk: ‘Met de creativiteit zit het wel goed, hoewel sommige medewerkers vinden dat instructies en procedures hun creativiteit beperken. Je zie dat mensen gaan improviseren waardoor veel faalkosten ontstaan; díe moeten we terugdringen. Er is dus herstel van discipline nodig en die is níet bedoeld om de creativiteit te dempen.’

Betrouwbare partner
Hoewel de bouwsector tekenen van herstelt vertoont, is Henk voorzichtig om die positieve trend volledig naar Bouw en Techniek door te vertalen. ‘In de utiliteitsbouw verwacht ik weinig volumegroei. Die zie ik vooral in de installatietechniek. Installaties zijn sneller economisch versleten en worden sneller vervangen. Er komt meer nadruk op duurzaamheid en het terugdringen van de CO2-uitstoot. Dat biedt veel kansen, wat ook geldt voor beheer en onderhoud. We moeten ervoor zorgen dat klanten tegen ons zeggen: “jullie kennen het gebouw, jullie zijn een betrouwbare partner, dus doe voor ons ook het beheer en onderhoud.” Het gaat erom dat we de relatie dusdanig vormgeven dat klanten ons zoveel mogelijk werkzaamheden toevertrouwen.’

Veranderingen
Dat de nadruk meer op installatietechniek en beheer en onderhoud zal komen liggen is volgens Henk slechts een voorbeeld van de vele veranderingen die ons nog te wachten staan. ‘Sommige medewerkers moeten daar nog vertrouwd mee raken en dat begrijp ik, want de meeste mensen vinden het fijn als ze zekerheid om zich heen hebben. Ik verwacht dat het virtuele bouwen een vlucht zal nemen, waarbij het gebouw eerst in een digitale omgeving wordt ontwikkeld en pas daarna met de fysieke productie wordt begonnen. Voor werkvoorbereiding en de uitvoering is dat een uitdaging om op aan te haken. Verder gaan we steeds meer componenten en halffabricaten produceren. Dat zie ik als een lijn naar de toekomst, met als stip aan de horizon dat we kant-en-klare producten aan klanten gaan leveren. Maar niet álles verandert; er zijn nog steeds bekistingen nodig waar beton in moet. Aan dat soort basisprocessen verandert niet zoveel; hooguit wordt de logistiek nog slimmer en efficiënter.’

iPhone
Kan Henk zich voorstellen dat medewerkers even pas op de plaats willen, na een jaar waarin de integratie zoveel van hen heeft gevraagd? ‘Ja heel goed, maar dat is niet realistisch. Sterker nog: de verandering zal de verandering inhalen. Dat zullen we moeten accepteren. Het grappige is dat niemand het vervelend vindt om met een iPhone om te gaan. Dus mensen zijn heel bekwaam om zich aan vernieuwingen aan te passen. Bedrijfsmatige veranderingen worden vaak als een bedreiging ervaren. Het is de taak van het management om ervoor te zorgen dat veranderen inspirerend kan zijn.’